Op 25 maart debatteerde de Tweede Kamer over de wolf in Nederland. De zorgen die bij veel politieke partijen leven over de problemen die de aanwezigheid van de wolf met zich meebrengt, kwamen tijdens het debat duidelijk naar voren. Hoewel het debat de groeiende politieke urgentie rondom dit onderwerp aantoont, laten volgende stappen in de aanpak voorlopig nog op zich wachten. LTO benadrukt dat, ten behoeve van handelingsperspectief en de leefbaarheid van het Nederlandse platteland, snelheid in de verdere uitwerking van het wolvenbeleid gewenst is.
Tijdens het debat werd gesproken over het algemene draagvlak voor de wolf en de toenemende wolvenpopulatie in Nederland. NSC diende een motie in waarin de regering wordt opgeroepen te onderzoeken wat het maximum aantal wolven in Nederland is, met inachtneming van zowel de ecologische situatie als de maatschappelijke aanvaardbaarheid.
Daarnaast kwamen de mogelijkheden voor het beheer van wolven uitgebreid aan bod. Wat beheer betreft is staatssecretaris Rummenie gebonden aan de Europese regelgeving. Op dit moment laat de staatssecretaris een onderzoek doen door Wageningen University & Research naar de staat van instandhouding van de wolvenpopulatie. Wanneer blijkt dat de wolf in staat is op lange termijn te overleven, biedt dit nieuwe mogelijkheden rondom het beheer van de wolf. De resultaten van het onderzoek worden in mei verwacht.
Wolvenplan
In het debat kondigde staatssecretaris Rummenie verder geen concrete nieuwe maatregelen aan. De staatssecretaris werkt op dit moment namelijk nog aan de uitwerking van zijn wolvenplan. In het kader hiervan gaat Rummenie in gesprek met provincies om de definitie van een probleemwolf en probleemsituaties te formuleren. Dit biedt houvast over wanneer en hoe in te grijpen bij een wolvenaanval. Ook gaf de staatssecretaris aan zich te gaan richten op het aanwijzen van gebieden waar wolven wel of niet welkom zijn.
Bron: LTO