Paard in de wei header

Identiteit reuzenteek uit Drenthe achterhaald

De “reuzenteek” die op 13 juli in het Drentse Odoorn is gevonden, is door het RIVM onderzocht. Het betreft een vrouwelijk exemplaar van de soort Hyalomma marginatum. De Nederlandse benaming van deze tekensoort is “Middellandse Zee-teek”. Naast de grootte van de Hyalomma teek, zijn ook de gestreepte pootjes kenmerkend. Net als onze schapenteek heeft deze tekensoort drie actieve levensstadia: larve, nimf en volwassen. Larven en nimfen hebben een bloedmaaltijd nodig om te kunnen vervellen naar een volgend levensstadium. Zij voeden vooral op kleine zoogdieren en vogels. Het is bekend dat Hyalomma-larven en -nimfen in het voorjaar met trekvogels meereizen en zo in onder meer Nederland terecht komen. Volgezogen Hyalomma-nimfen laten zich dan op de grond vallen om te vervellen. Dit jaar hadden we een warm voorjaar en dan kunnen de nimfen ook hier vervellen tot een volwassen teek.

Volwassen Hyalomma teken gaan op zoek naar hoefdieren zoals runderen, reeën en paarden. Vrouwtjes zoeken een hoefdier op voor een bloedmaaltijd en mannetjes om te paren.

 

De reden dat Hyalomma teken in Europa tot dusverre meestal op paarden worden aangetroffen is dat paardenhouders hun paarden regelmatig borstelen en inspecteren. In landen waar Hyalomma teken endemisch (of: van nature) voorkomen, worden sporadisch mensen gebeten door deze tekensoort.

Voor paardenhouders is het goed om te weten dat Hyalomma marginatum teken parasieten bij zich kunnen dragen waar paarden ziek van kunnen worden, namelijk Babesia en Theileria, ook wel piroplasmose genoemd. De Hyalomma teek uit Drenthe is door het RIVM onderzocht en Babesia en Theileria is niet aangetroffen. De Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) en de faculteit Diergeneeskunde (fD) hebben laboratoriumdiagnostiek beschikbaar voor deze paardenziektes en zij kunnen dierenartsen inhoudelijk ondersteunen bij de diagnose van deze infecties bij paarden.

Bron: GD
Copright foto: Zati Vantansever