fbpx

Vliegen- en ongediertebestrijding 2.0

Vliegen- en ongediertebestrijding 2.0

Overlast van vliegen of ander ongedierte? Dan gebruik je pesticiden oftewel gif en weren we ons daar zo tegen. Bij Agro Pest Control (APC) pakken ze dit al jaren anders aan met veel succes. Hun uiteindelijke doel: geen gif meer gebruiken. Iets wat naadloos aansluit op de nieuwe wetgeving voor Plaagdierbeheersing die op 1 januari 2023 ingaat en waardoor een hoop verandert.

 

Vanaf 1 januari 2023 zullen veel biociden niet meer beschikbaar zijn voor particulieren en andere beroepsgroepen die niet geaccrediteerd zijn. Ook plaagdierbeheerbedrijven moeten vanaf nu een speciale accreditatie hebben om nog te mogen werken met bepaalde producten. Dit betekent dat niemand zonder accreditatie of aparte opleiding meer gif kan gebruiken op zijn of haar bedrijf. Daarnaast moet je eerst alle niet-chemische weeringsmiddelen inzetten voordat je überhaupt gif mag gebruiken. Voor veel ondernemers betekent dit dat ze op zoek moeten naar alternatieven om minder vliegen en ander ongedierte op het bedrijf te krijgen.

 

Gif zorgt voor resistentie

De Nederlandse onderneming Agro Pest Control (APC) is al dertig jaar bezig in de sector van ongediertebestrijding. In de beginjaren ook gewoon met gif, maar zo’n tien jaar geleden stapte het bedrijf over naar een biologische manier. Joan Rooijakkers legt uit dat door het gebruik van gif het probleem wel tijdelijk opgelost wordt, maar dat dit niet blijvend is. “Als je eenmaal begint met gif spuiten dan moet je elk jaar meer gaan spuiten voor hetzelfde effect. Een vlieg is na één jaar al resistent voor een toxicologische groep en blijft dus leven met dat gif in zijn lijf. Een vogel eet die vlieg vervolgens op en gaat dood als deze te veel vergif binnenkrijgt. Je bestrijdt dus de vogels waardoor er minder roofvogels komen en vervolgens meer knaagdieren. Wij merkten al langer dat dit niet effectief is en dus zetten we het bedrijf op rondom een andere methodiek.”

 

Biologische balans

Die methodiek begint volgens Rooijakkers bij de redenatie waarom die vliegen er zijn. “Zonder paardenbedrijf waren daar waarschijnlijk geen vliegen. Met het bedrijf breng je afval, dieren, mensen en mest naar een plek en verstoor je de biologische balans. Een vlieg gaat zich daar ontwikkelen en daar hebben de ondernemers en paarden vervolgens last van. De kunst is niet om helemaal geen vliegen te hebben, maar dit te beheersen door biobalans te creëren. Voor een kop koffie komen wij gratis langs om een plan van aanpak te maken. Dit is per bedrijf verschillend en ligt er bijvoorbeeld ook aan of je dagelijks mest of met potstallen werkt en wat je eigen wensen zijn. We kijken dus naar het actuele probleem en wanneer we dit op gaan lossen. Nu in de zomer kan je niet meer dan een bedrijf door dit seizoen heen helpen met lampen of feromoonvallen of het accepteren om voor de toekomst alternatieven op te starten. Het najaar is een betere periode om met duurzame maatregelen aan de slag te gaan.”

 

Drie barrières

Deze maatregelen draaien allemaal om meer biodiversiteit rondom het bedrijf en in hun stappenplan werpt APC drie barrières op om ongenode gasten te weren en degene die we wel willen hebben juist aan te trekken:

  • Barrière A: dit draait om het aantrekken van natuurlijke vijanden rondom de buitenste rand van het erf. Door het ophangen van verschillende nestkasten voor roofvogels zoals uilen en torenvalken, maar ook kasten voor vleermuizen en zangvogels. Wat deze vogels aan insecten en muizen eten, daar kunnen wij niet tegenop bestrijden. Zo eet één zwaluw tot wel vijftienduizend insecten per week en één uil kan in een jaar wel tweeduizend ratten of muizen vangen.
  • Barrière B: gaat om het creëren van een erfbiodiversiteit waar knaagdieren of insecten blijven hangen waardoor ze niet dichter bij het erf komen. Dit doen we door zo’n tien meter van het bedrijf af aan de achterkant waar de meeste beestjes het erf betreden een strook met bloemen en kruiden in te zaaien. Deze strook is aantrekkelijk voor bijen en vlinders die op hun beurt zangvogels aantrekken. Deze zangvogels zorgen ervoor dat er meer roofvogels komen. Deze strook maken we onaantrekkelijk voor knaagdieren om doorheen te gaan richting het bedrijf door bepaalde geuren of structuren. Daarnaast brengen we om de stallen een strook met gemalen oester en mosselschelpen aan die voor knaagdieren te scherp zijn om overheen te lopen. Ook werken we om de stal heen regelmatig met geurkokers die ruiken naar brand en leeuwenmest. Dit is een natuurlijke afweer wat 60% ongediertedruk op de gevel scheelt.
  • Barrière C: is voor het vangen van plaagdieren die toch in de buurt of in de stal zijn gekomen. Dat begint trouwens met een zuiver erf. Daarnaast hebben we vangapparaten met lokstoffen. Als een rat of muis daarin komt wordt een CO2 patroon geactiveerd wat hem in een klap laat overlijden zonder het gebruik van gif. Vervolgens belandt hij buiten de val en kunnen roofvogels hem opruimen. Ook kunnen we in de stal gebruik maken van vliegenlampen en -vallen op basis van feromonen. Deze feromonen hebben een aantrekkelijke geur waardoor we ze in kokers lokken waar ze niet uit kunnen vliegen.

 

Toekomstbestendige aanpak

Rooijakker vertelt dat er nu zo’n honderd agrarische bedrijven in hun bioplan zitten. “De reductie van gif op deze bedrijven zit nu op 90%. De bedrijven die er al acht jaar in zitten, gebruiken zelfs nagenoeg geen gif meer. Eén roofvogel op het erf reduceert vijftig kilo gif per bedrijf. Deze aanpak zorgt ervoor dat je zelf niet meer hoeft te bestrijden en werkt vanuit een biologische balans. Gif breekt veel meer af dan dat het goed doet en wat doet dit bovendien op lange termijn met ons. Deze biologische aanpak is voor veel ondernemers nieuw, maar hier ligt wel de toekomst.”

MELD JE AAN VOOR ONZE MAANDELIJKSE NIEUWSBRIEF

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen binnen de professionele paardensector. 2.200+ ondernemers gingen je al voor!

Het laatste nieuws:

NAJAARSACTIE

€10 KORTING OP EEN JAARABONNEMENT

Betaal slechts €39,50

i.p.v. €49,50 excl. btw per jaar