tree-2916763_1920

Wat staat er in het aangepaste hitte protocol voor paarden?

Op 24 juni 2020 heeft de Sectorraad Paarden (SRP) een aangepaste versie van het protocol ‘Extreme weersomstandigheden voor paarden’ gepubliceerd, nadat eerder deze week door het NVWA het Nationaal plan veetransport bij extreme temperaturen aangepast werd.

Onderstaande punten geven een concreet overzicht van de belangrijkste voorwaarden:

  • Paardenweide, waar moet deze aan voldoen?

In het kader van dierenwelzijn mogen dieren in Nederland alleen in de wei lopen als er sprake is van beschutting tegen slechte weersomstandigheden. Dit is in de zomer mogelijk nog belangrijker dan in de winter, omdat de zogenaamde comfortzone van paarden ligt tussen de +5°C tot +25°C. Een paard kan dus sneller dan een mens oververhit raken.

De beschutting tegen slechte weersomstandigheden kan in de zomer bestaan uit een afdak, schaduwdoek, weidehok of open stal. Daarnaast zijn omliggende bomen ook heel geschikt om voldoende schaduw te creëren en zo het paard te beschermen tegen overmatige zonnestraling of veel wind.

Naast beschutting zijn uiteraard ook voldoende ruwvoer en vers drinkwater van goede kwaliteit vereist.

  • Paardentransport, wat zijn de regels?

De door de NVWA gestelde eisen ten aanzien van transport en extreme weersomstandigheden zijn ook goed passend voor paarden. Deze gelden als volgt:

  • Vanaf 27°C is er intensieve controle door NVWA op veetransport
  • Vanaf 30°C is er een verbod op transport langer dan 8 uur. Volledig geconditioneerde wagens uitgezonderd
  • Vanaf 35°C is er een verbod op een transport van dieren. Volledig geconditioneerde wagen uitgezonderd

Naast bovenstaande regels, wordt er ook geadviseerd om tijdens het transport van paarden in extreme hitte te zorgen voor voldoende ventilatie, het vermijden van routes over bekende file-locaties, het aanpassen van vertrek naar de vroege morgen of latere avond en te zorgen voor een oplossing in geval van nood zoals een lekke band, een blokkade of het onwel worden van de chauffeur.

  • Hippische evenementen, mogen deze doorgaan?

Er is geen vaste richtlijn aan te geven wanneer het verstandig is om een evenement (wedstrijd, keuring, paardenmarkt, cursus etc.) geen doorgang te doen vinden. Factoren die bij de beslissing om een evenement af te lasten mee moeten wegen zijn:

  • Weersverwachting
    Als er sprake is van voorspelde tropische dag (buitentemperatuur > 30°C) is voorzichtigheid geboden. Als er sprake is van een op betreffende plaats in Nederland voorspelde buitentemperatuur van > 35°C, moet een evenement worden afgelast. Soms is dit lastig, want bij een meerdaags evenement waar paarden al aanwezig zijn zouden de dieren dan op transport moeten en dat is ook niet de bedoeling. Er moet dus met verstand gehandeld worden.
  • Tijdstip
    Het tijdstip waarop het evenement zich afspeelt speelt mee in de keuze om een evenement wel/niet door te laten gaan.
  • Lokale omstandigheden
    De locatie van het evenement is van invloed. Ligt het terrein inclusief de parkeerplaats in de schaduw, dan is er meer mogelijk dan wanneer dit niet het geval is. In conclusie kan gesteld worden dat tussen de 27°-34°C, de lokale weersverwachting, het tijdstip en de lokale omstandigheden bepalen of het verstandig is om een evenement wel/geen doorgang te doen vinden. Bij een voorspelde temperatuur > 35°C mogen er geen wedstrijden of andere evenementen plaatsvinden.
  • Type wedstrijd of evenement
    Op een markt of keuring waar paarden in de schaduw kunnen staan en niet hoeven te werken, wordt er minder van paarden geëist dan tijdens een wedstrijd. Ook het type wedstrijd (dressuur, springen, eventing, endurance etc.) is van invloed, omdat sommige disciplines meer van een paard vragen dan andere disciplines.

Conclusie

Het besluiten of extreme weeromstandigheden wel of geen probleem vormen voor paarden berust of het nu gaat om verblijf in de weide, het wel of niet transporteren of het wel of niet doorgang laten vinden van paardenevenementen (wedstrijden, keuringen, markten of recreatieve ritten), boven alles op gezond verstand van de betrokkenen. Hierbij mag er van uit worden gegaan dat ten aanzien van warmte geldt als het voor mensen ‘onaangenaam’ is, dit voor paarden zeker het geval is omdat de zogenaamde comfortzone van mensen (+20°C tot +30°C ) duidelijk hoger ligt dan die van paarden (+5°C tot +25°C). Ten aanzien van koude geldt dat dit, mits aan bovengenoemde uitgangspunten (met name verkeersveiligheid) wordt voldaan, onder de Nederlandse omstandigheden zelden tot problemen leidt.

Bekijk het volledige protocol extreme weersomstandigheden voor paarden.

Bron: SRP