Sortas Equine Fibres is misschien niet het eerste bedrijf waar je aan denkt bij paardensport, maar hun product ligt letterlijk aan de basis van duizenden rijbanen wereldwijd. De vezels van Sortas worden verwerkt in paardensportbodems, van internationale topwedstrijden in het Midden-Oosten tot vaste rijbanen in Nederland. Verkoper en commercieel manager Mark O’Connor vertelt over het ontstaan van het bedrijf, duurzaamheid en hoe Sortas wereldwijd samenwerkt met bodemexperts.
Hoe is het bedrijf Sortas ontstaan?
“Sortas Recycling bestaat inmiddels bijna tien jaar. Vanaf het begin zijn we actief in de textielindustrie en werken we met hoogwaardige textielstromen. Textielvezels worden al sinds de jaren ’80 toegepast om bodems stabieler te maken. Ongeveer zes jaar geleden zijn wij gestart met het verder professionaliseren van dit proces, met eigen testen, strenge kwaliteitscontroles en een duidelijke focus op constante kwaliteit. Inmiddels zijn we uitgegroeid tot een van de grootste gespecialiseerde producenten en leveranciers van vezels voor paardensportbodems wereldwijd.”
“Ik ben opgegroeid in Ierland en heb van jongs af aan veel met paarden te maken gehad. Mijn dochter rijdt ook, dus de sector is me niet vreemd. Het initiatief is echter volledig vanuit onszelf gekomen. Vanuit onze kennis van textiel en vezeltoepassingen zagen we de potentie voor gebruik in paardensportbodems. Vervolgens zijn we in gesprek gegaan met een brede groep potentiële afnemers en bodemexperts om te bepalen wat in de praktijk het beste werkt. Samen hebben we gekeken naar vragen als: welk vezelformaat is het meest geschikt? Hoeveel vezel meng je met zand? Op basis van die input hebben we onze producten stap voor stap verder ontwikkeld en geoptimaliseerd.”
Wat leveren jullie precies?
“We leveren uitsluitend vezels die worden gemengd met zand om paardensportbodems aan te leggen. Dat doen we zowel voor permanente rijbanen als voor tijdelijke bodems bij evenementen, zoals de London Horse Show en SICAB Sevilla. We leveren aan professionele partijen die complete rijbanen realiseren, inclusief onderbouw, drainage en omheining. Particulieren weten ons soms ook te vinden, maar dat vormt slechts een klein deel van onze afzet.”
Is dat op dit moment jullie grootste uitdaging?
“Het weer blijft altijd een factor. Bij langdurige vorst of veel neerslag kunnen projecten tijdelijk stil komen te liggen. Daarnaast spelen duurzaamheid en certificering een steeds grotere rol. Vooral in Europa vraagt dat om veel documentatie en onderbouwing. Zolang wij kunnen aantonen dat onze materialen voldoen aan de geldende eisen, kunnen onze producten echter gewoon worden toegepast.”
Hoe zit het met duurzaamheid?
Vinden gemeenten het tegenwoordig nog wel acceptabel dat er plastic in de bodem ligt?
“Dat is een terechte en veelgestelde vraag. Wij laten onze materialen uitgebreid testen door onafhankelijke laboratoria en werken uitsluitend met schone, ongebruikte materialen. Onze vezels zijn afkomstig van textielfabrieken en worden bij ons verwerkt, gecontroleerd en op maat gesneden. Daarnaast adviseren we klanten altijd over een complete bodembouw met onder andere membranen, aggregaten en goede drainage, zodat er geen ongewenste stoffen in het grondwater terechtkomen.
Gemeenten en andere instanties nemen regelmatig contact met ons op om testresultaten op te vragen, en die kunnen we transparant aanleveren. We onderscheiden ons nadrukkelijk van praktijken uit het verleden in de sector, waarbij soms gebruikte of onvoldoende gecontroleerde materialen werden toegepast.”
“Wij recyclen dus niet in de klassieke zin van het woord. We werken met kantstroken: stukken textiel die vrijkomen bij de productie, voordat het materiaal ergens anders wordt gebruikt. Deze vezels zijn ongebruikt en schoon. Bij ons worden ze gecontroleerd op stof, metaal en andere mogelijke vervuiling. Het is restmateriaal, maar wel van eerste kwaliteit.”
Zijn er ook ontwikkelingen richting natuurlijke vezels?
“Ja, daar zijn we inmiddels al ruim tweeënhalf jaar mee bezig. Natuurlijke vezels hebben als voordeel dat ze biologisch afbreekbaar zijn, maar dat betekent ook dat ze sneller vergaan en dus meer onderhoud vragen. Een synthetische vezel blijft gemiddeld twintig tot dertig jaar functioneel, terwijl een natuurlijke vezel na ongeveer anderhalf tot twee jaar begint af te breken. Dat vraagt om een bewuste keuze.
In landen als Duitsland, Oostenrijk en Scandinavië zien we veel interesse in deze ontwikkelingen, al ligt de prijs momenteel nog hoger. We zijn daarom continu op zoek naar de juiste balans: voldoende levensduur, zo natuurlijk mogelijk en tegelijkertijd betaalbaar voor de markt.”
Tot slot: heb je een tip voor andere ondernemers?
“Zorg dat je zichtbaar bent. Ga naar evenementen, praat met mensen en deel je kennis. De paardenwereld is relatief klein en sterk gebaseerd op vertrouwen. Meer dan de helft van onze klanten heb ik ontmoet op beurzen en evenementen. Netwerken en het gesprek aangaan blijft ontzettend belangrijk.”



